|
|
- 12 motieven om fooi te geven:
- De ober hoger loon
- Zodat ik de volgende keer beter bediend word
- Om te bedanken voor de service
- Omdat het zo hoort
- Anders vinden ze me gierig/zuinig
- Ik wil de kok belonen voor het lekkere eten
- Omdat ik mezelf dan gul voel
- Omdat ik me ongemakkelijk voel om bediend te worden
- Anders word ik een volgende keer slecht bediend
- Is afhankelijk van de service die ik heb gekregenIs afhankelijk van de kwaliteit van het eten
Een fooi is een extra betaling als beloning voor de kwaliteit voor
verkregen diensten. Fooi is niet hetzelfde als loon, omdat men er in
principe geen recht op heeft. Bovendien krijgt men fooi direct van
klanten in plaats van de werkgever. Fooi vormt meestal vanuit de klant
een prikkel voor de dienstverlener om extra zijn best te doen.
Fooi is zelden verplicht en ook lang niet altijd gebruikelijk.
Fooi is ook sterk cultuurgebonden. In Nederland en de Scandinavische
landen krijgt personeel altijd tenminste een minimumloon, en is het
geven van fooi niet gebruikelijk. In landen als de Mediterrane landen en
de Verenigde Staten, is het personeel grotendeels afhankelijk van
fooien. Restaurants in Italië brengen ook vaak
"servicekosten" in rekening, die een bepaald percentage van de
bestelde spijzen en dranken uitmaken. Dit lijkt ook op een soort fooi,
maar deze is wettelijk verplicht. De echte fooi komt daar nog bovenop.
Fooi is bedoeld om de dienstverlener zijn best te laten doen. Wanneer
dit dus niet het geval is, is het normaal om geen fooi te geven. Het
komt de klant hooguit op scheldwoorden als "vrek" of
"gierigaard" te staan. Voor de klant vormt dit een stok achter
de deur. Voor de ober of pizzabezorger vormt het een prikkel om extra
hard zijn best te doen.
De hoogte van de fooi hangt ook af van de cultuur, bedrijfstak en de
hoogte van de rekening. In Nederlandse restaurants is het meestal tussen
de 5 en 10%, waarbij men meestal bedragen naar boven afrond
(bijvoorbeeld bij een rekening van € 32 er € 35 van maken). Wanneer
de bedragen hoger worden worden de fooien percentueel lager.
Fooien mogen soms gehouden worden maar worden ook soms verdeeld onder
het personeel. De koks krijgen immers nooit fooi maar hebben wel in de
keuken het eten klaargemaakt. Andere bedrijven gebruiken fooien om
personeelsuitjes of cadeaus te financieren. In het slechtste geval pikt
de baas de fooien in.
In de loonbelasting zijn fooien niet belast omdat ze geen loon
vormen, maar in de inkomstenbelasting wel.
Leven van fooi
In het Nederlandse horecawezen is de 'bediening inclusief'. Toch
heeft deze maatregel uit 1988 niet geleid tot het verdwijnen van de
fooi. Gelukkig maar. Voor Daan Moonen , bijvoorbeeld. Hij is 25
jaar en werkt in café restaurant 'Het land van Walem' op de
Keizersgracht in Amsterdam. Niet als bijbaantje, maar als fulltime
beroeps. Het is zo gelopen, hij heeft eerst wat gestudeerd, kwam in de
horeca terecht en vindt het heerlijk werk. Hij speelt niet met de
gedachte een opleiding bediening te gaan doen. Zo’n zaak waar het
draait om hoeveel millimeter het mes van het bord af moet liggen vindt hij
doorgeschoten.
Eigenlijk vindt hij het geen werk, zo leuk. Er heerst een
goeie sfeer, dat is heel belangrijk. Het contact met mensen vindt hij
er vooral zo leuk aan. Ze hebben veel vaste klanten in hun
restaurant. Het liefst heeft hij dienst tijdens de lunch. Dan gaat het
om snelheid. Mensen komen voor een broodje of een kop koffie.
Dan moet je hard rennen.
Wat fooien betreft voeren in 'Het land van Walem' een ander beleid
dan in de meeste zaken, waar een gemeenschappelijke pot is. Hij mag de
fooien zelf houden. Maar ze gaan ervan uit dat je gemiddeld 10% fooi
krijgt. 3% daarvan moet je afdragen, 7 % is voor jou. Wat ook kan
betekenen dat er dagen zijn dat je meer betaalt dan je hebt gekregen.
Bijvoorbeeld als je je verrekent hebt met het geld teruggeven. Het
salaris is laag, want er is rekening gehouden met die fooi.
Je kunt het meestal wel zien als de gasten binnenkomen,
of je fooi gaat krijgen of niet. En mannen geven meer dan vrouwen, en sowieso
meer als ze met een vrouw uit zijn.
Natuurlijk gaat het om vriendelijkheid. Maar het is een wisselwerking.
Als personeel moet je dat uitstralen. Beleefd blijven. Wat Daan niet
prettig vindt, is dat mensen je niet aankijken tijdens het bestellen.
Met name mannen-met-een gezelschap, zakenmannen dus, hebben daar een
handje van.
Zon maakt gul

Tussen onze oren zijn verschillende hersendelen regelmatig met
elkaar in conflict, met name als het geld betreft. Dat beweert Henriëtte
Prast, econoom, werkzaam bij De Nederlandsche Bank en hoogleraar aan de
Universiteit van
Tilburg. Ze schrijft wekelijks een column in Het Financieele Dagblad. In
mei verschijnt weer een nieuw boek van haar over gevoel, geld en geluk:
‘De mythe van de rationele mens’. Daarin schrijft ze o.a. dat fooien
en aandelenkoersen afhankelijk zijn van het weer.
Toen de euro kwam zijn de fooien eerst gestegen, mensen deden
nog alsof het guldens waren. Daarna zijn ze flink gedaald, omdat
men begon te beseffen dat het géén guldens waren. Inmiddels is het
redelijk genormaliseerd. In Nederland is geen serieus onderzoek gedaan
naar fooien, maar in Amerika wel. Hieruit blijkt dat het geven
van fooien, gek genoeg, niet samenhangt met de kwaliteit van het
gebodene. Motieven zijn : gewoonte, gêne, medelijden e.d.
Tweede wat bleek is dat bij mooi weer mensen eerder, vaker of hoger fooi
geven. Simpelweg omdat je dan in een betere stemming bent, waardoor je
guller wordt. Het blijft lastig, dat hele fooiengedoe. Je wilt
niet voor krent worden aangezien, dus vraag je niet om 30 cent als het
€ 11,70 is en je betaalt met 12 euro. De Nederlander staat niet
te boek als erg uitbundig, maar dat is aan het veranderen. Henriette
Prast geeft zélf heel consequent fooien aan taxichauffeurs, in
Amsterdam. Die houdt ze graag te vriend.
Onnodig
Een fooi achterlaten is voor velen de normaalste zaak van de wereld.
Maar waarom zou je het eigenlijk doen? Dat vroeg Nienke Vreugdenhil zich
af,
Toen ze nog student was op de opleiding Consumenten- en
Huishoudwetenschappen aan de universiteit van Wageningen. Ze is in
2003 afgestudeerd op het onderwerp fooien. Haar onderzoek is
gepubliceerd in het Horeca Vakblad en ook het ANP heeft het
opgepikt.
Fooien liggen in een soort taboesfeer. Zelf vond Nienke het
eigenlijk maar een raar fenomeen heel gek. Bij de supermarkt zeg je
toch ook niet tegen de caissiere “laat maar zitten” als het EUR 9,40
is. Dan krijg je toch gewoon je 60 cent terug? Waarom zou je het in een
restaurant dan wel doen? Ook na haar studie is ze niet anders over het
geven van fooien gaan denken. Ze vindt het nog steeds niet echt
nodig.
bron:website KRO.nl 6 februari 2006, uitzending Dolce Vita
|